Adem jezelf uit je hoofd

Aandacht zit meestal hoog, bovenin je hoofd, achter je voorhoofd. Dat gaat bijna vanzelf als je zwaar gefocust bent op werk of een klus. Maar je moet daar niet blijven. Je woont in je hele lijf en niet alleen in het allerhoogste torenkamertje. De grote eetzaal met de open haard en de lekker warme slaapkamer horen er net zo goed bij. Dus ga omlaag, kom die hoge kamer uit, alle trappen af naar beneden en laat het nadenken, uitkijken, attent zijn maar even los. Begin bij je kruin, langs je hersens, je voorhoofd, je oren, je neus, wangen, mond, en ga zo langzaam naar beneden tot diep in je buik. Zit je later toch ineens weer in je kop, begin dan gewoon opnieuw.
Ook door je ademhaling te volgen kun je mee omlaag liften. (Door je keel, door je longen tot diep in je buik. En weer mee terug als je wilt.)

Zit je net als ik vaak in je hoofd – en voor je werk veel te lang voor de pc – let er dan op dat je je nek en je schouders blijft ontspannen en dat je je hoofd ophangt aan een denkbeeldig touwtje dat je kruin met de hemel verbindt. Misschien nog wel belangrijker is dat je goed, diep en ontspannen blijft ademhalen. Adem in via je nek en adem uit via je hielen. (Neem elk half uur drie minuten vrij om dat te doen.) Zo blijf je wat lager in je lijf en op de wat langere duur ben je daardoor beter in balans. Dat voelt veel prettiger dan koud en koel, hoog in die kop te zitten ratelen.

Peter Veen – www.qiworks.nl